Maand: april 2019

Deel VII De positie van de langstlevende echtgenoot in het huwelijksvermogensrecht én erfrecht

Bij samenloop van een langstlevende echtgenoot met erfgerechtigden van de vierde graad, verliezen deze laatsten hun erfrechtelijke roeping. De langstlevende echtgenoot zal dan de hele nalatenschap van de eerststervende in volle eigendom erven.

Bij nieuw samengestelde gezinnen wordt het mogelijk om de concrete reserve te ontnemen aan de langstlevende echtgenoot (uitbreiding Valckeniersbeding).

Overige aanpassingen (niet-limitatief)

De opheffing van het verbod op verkoop tussen echtgenoten

De mogelijkheid om bij de aankoop van een onroerend goed door twee ongehuwde partners (ieder voor een gelijk deel) dit onroerend goed anticipatief in te brengen in een eventuele toekomstige huwgemeenschap. Op deze wijze worden niet enkel kosten bespaard maar wordt vermeden dat de latere inbreng ervan wordt vergeten.

Inwerkingtreding

De nieuwe bepalingen inzake erfrecht zijn geldig op nalatenschappen die openvallen na inwerkingtreding van deze wet (=vanaf 1 september 2018).

Wat de nieuwe bepalingen met betrekking tot huwelijksvermogensrecht betreft, is de wet van toepassing op huwelijken die worden gesloten na inwerkingtreding van de wet én op echtgenoten die gehuwd waren op het ogenblik van de inwerkingtreding wet maar die nadien over zijn gegaan tot wijziging van hun huwelijksvermogensstelsel die een ontbinding ervan tot gevolg heeft. Wat echtgenoten betreft die reeds gehuwd waren op het ogenblik van de inwerkingtreding van de wet en die niet zijn overgegaan tot een wijziging die de ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel tot gevolg had, geldt de rechterlijke billijkheidcorrectie niet igv een stelsel van scheiding van goederen).

Deel VI Nieuwe regels in geval van vereffening-verdeling met correctiemechanismen bij scheiding van goederen: het wettelijk verrekening beding

Verrekening van aanwinsten: bij de opmaak van het huwelijkscontract spreken de partners af hoeveel procent de andere kan krijgen in geval van ontbinding van het huwelijk. Op deze manier delen de echtgenoten toch in de beroepsinkomsten van de andere echtgenoot tijdens het huwelijk. Dit is nog steeds een scheiding van goederen (twee eigen vermogens, geen gemeenschap) maar bij ontbinding van het huwelijk zal de economisch sterkere echtgenoot een geldsom betalen aan de economisch zwakkere echtgenoot. Deze regeling zorgt voor een mooi evenwicht tussen autonomie en solidariteit tussen de gehuwden.

Rechterlijke billijkheidscorrectie: in geval van een oneerlijke situatie kan deze correctie als ‘vangnet’ dienen voor de echtgenoot die in het nadeel is. Bijvoorbeeld: een man heeft zijn carrière opzijgezet en is huisvader geworden om voor de kinderen te zorgen terwijl de vrouw als zelfstandige de alleenverdiener is. De huisvader heeft een chronische ziekte die kosten met zich meebrengt. Bij een scheiding valt de huisvader zonder inkomsten. Hij kan de rechter vragen om alsnog een deel van de inkomsten (maximaal 1/3) van zijn ex-partner te ontvangen. Dit deel wordt via huwelijkscontract vastgelegd.

De notaris wordt steeds verplicht om de betrokkenen te informeren over de mogelijkheden binnen de regeling van de scheiding van goederen zoals hierboven vermeld. Indien hij dit nalaat, is de notaris aansprakelijk. De informatieplicht zorgt er bovendien voor dat de mensen bewust zullen nadenken bij de opmaak  van hun huwelijkscontract. Belangrijk om eventuele problemen in de toekomst te vermijden.

Het hervormd huwelijksvermogensrecht voorziet uitdrukkelijk in een wettelijk kader voor het verrekenbeding, op basis waarvan tijdens het huwelijk opgebouwde aanwinsten bij ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel worden verrekend (verdeeld) tussen de echtgenoten. Zonder een dergelijk verrekenbeding zou de echtgenoot die zijn beroepsactiviteiten heeft geminderd om voor het huishouden en de kinderen te zorgen aanzienlijk minder krijgen dan de andere echtgenoot. Er wordt een rechterlijke billijkheidscontrole voorzien wanneer de echtgenoten hiervoor opteren in hun huwelijkscontract. De rechter kan dan een deel van de inkomsten van de meest verdienende echtgenoot (met een maximum van 1/3e) toekennen aan de andere echtgenoot wanneer onvoorziene omstandigheden tot een onbillijk financieel onevenwicht tussen beide echtgenoten hebben geleid.

Deel V Nieuwe regels in geval van vereffening-verdeling bij een gemeenschap

In verband met eigen goederen en wederbelegging

Indien goederen voor  meer dan de helft met eigen geld zijn betaald dan zullen ze als eigen worden beschouwd (artikel 1404 B.W.). Voor onroerende goederen is er dan een verklaring van wederbelegging vereist maar niet voor roerende goederen, noch een wil van wederbelegging. Voor het gedeelte dat met gemeenschappelijk geld werd betaald zal er een vergoeding verschuldigd zijn.

Verder zijn de toebehoren van eigen goederen of rechten eigen, zonder onderscheid tussen roerend of onroerend goed.

Tevens zijn eigen de niet afgekochte of niet uitgekeerde levensverzekering. Hiervoor zal wel vergoeding verschuldigd zijn voor de premies die met de gemeenschapsgelden werden betaald. 

Titre et finance

Aan de discussie of beroepsgoederen , aandelen en cliënteel eigen vermogen zijn of niet wordt een einde gemaakt. Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen eigendomsrecht (‘titre’) en vermogenswaarde (‘finance’). De ‘titre’ is altijd eigen, de economische waarde gerealiseerd tijdens het huwelijk wordt gemeenschappelijk.” De waarde dient verrekend te worden op het tijdstip van de ontbinding.

Deze nieuwe regels inzake titre et finance zijn van toepassing op roerende of onroerende professionele uitrustingen  op voorwaarde van exclusief gebruik voor beroepsdoeleinden van deze goederen, op cliënteel tijdens huwelijk opgebouwd, enkel economische waarde en professionele venootschapsaandelen op naam van één van de echtgenoot, die voor minstens 50 % met gemeenschappelijk geld werden betaald en op naam van 1 echtgenoot.

Piercing in het recht

Inzake de vergoedingsregels wordt bijkomend voorzien in de wet dat vergoeding verschuldigd zal zijn aan de gemeenschap in geval van onttrekking van beroepsinkomsten aan de gemeenschap door beroepsuitoefening in een vennootschap (Piercing the corporate veil).

Ook zal vergoeding verschuldigd zijn naar aanleiding van levensverzekeringspremies, ongevallenvergoeding en opzeggingsvergoeding.

Passief

Wat betreft het passief van de gemeenschap zijn schulden verbonden aan ingebracht goed gemeenschappelijk  tenzij hiervan in het huwelijkscontract zou worden afgeweken.

Er worden verder onzekerheden weggewerkt over het statuut (eigen of gemeenschappelijk) van individuele levensverzekeringen (groepsverzekeringen zijn daarentegen uitdrukkelijk uitgesloten van deze hervorming), schade- en ongevallenvergoedingen, aandelen, cliënteel en beroepsgoederen.

Hiervoor wordt een onderscheid gemaakt tussen het eigendomsrecht (dat in principe eigen is) en de vermogenswaarde (dat in principe gemeenschappelijk is indien deze opgebouwd werd tijdens het huwelijk).

Als de verzekerde prestatie niet opeisbaar wordt bij de ontbinding van het huwelijk, zijn de aanspraken eigen mits vergoeding aan de gemeenschap. Indien de verzekerde prestatie daarentegen opeisbaar wordt bij ontbinding van het huwelijk zijn de aanspraken eigen o voorwaarde van vergoeding wanneer de levensverzekering werd afgesloten in het eigen voordeel van de langstlevende echtgenoot of eigen zonder vergoeding wanneer de levensverzekering werd afgesloten door de overleden echtgenoot in het voordeel van de andere.

Het recht op schadevergoedingis eigen maar voor het statuut van de vergoeding moet een onderscheid worden gemaakt naar gelang de soort schade (morele=eigen, fysieke=gemeenschappelijk indien dekking inkomstenverlies, medische kosten, rehabilitatie en huishoudelijke hulp is gemeenschappelijk. Ook voor beroepsgoederen, aandelen en cliënteelgeldt voormeld onderscheid: het eigendomsrecht is eigen aan de beroepsactieve echtgenoot of de echtgenoot op wiens naam de aandelen werden ingeschreven, maar de vermogenswaarde die werd opgebouwd tijdens het huwelijk valt (onmiddellijk en niet pas vanaf de ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel) in de huwgemeenschap. Bij ontbinding van het huwelijksvermogensstelsel zal de beroepsactieve echtgenoot zijn beroepsgoederen bijgevolg mogen behouden maar hij zal wel een vergoeding verschuldigd zijn aan de gemeenschap die gelijk is aan de waarde van deze beroepsgoederen op het ogenblik van de ontbinding (niet langer aan de aankoopwaarde).

Deel IV Nieuwe regels in geval van de vereffening-verdeling bij scheiding van goederen

De wetgever voorziet uitdrukkelijk de beëindiging van de onverdeeldheid, ook tijdens het stelsel, behalve in geval van een bestemde onverdeeldheid (art. 1468 B.W. ), alsmede is een inkoop nu ook mogelijk zonder machtiging van de rechter (art. 1469 B.W.)

De wetgever voorziet ook uitdrukkelijk onder dit stelsel in een preferentiële toewijzing bij ontbinding stelsel (art.1389/2B.W.) wat voordien niet mogelijk was in een stelsel van scheiding van goederen.

Het gaat over de volgende goederen: de gezinswoning, de inboedel en de beroepsgoederen die onroerend of roerend zijn in geval van een gezamenlijke beroepsuitoefening, waarbij het criterium de belangen van de beide echtgenoten en hun financiële opportuniteiten zal zijn.

Bewijsregels – ongebreideld indien geen conventionele afspraken

Nieuw is dat thans alle bewijsmiddelen toegelaten worden om de schuldvordering tussen de echtgenoten te bewijzen, dus zelfs zonder een geschrift wanneer er niets conventieel geregeld is. Voor de schuldvorderingen tussen echtgenoten die tijdens dit stelsel ontstaan zal er wel zoals altijd al het geval is eerst moeten worden nagegaan wat er in het huwelijkscontract al dan niet geregeld of over afgesproken werd tussen de echtgenoten, welke vermoedens er spelen en werden afgesproken tussen de echtgenoten..

Deel III Actualisatie Huwelijksvermogensrecht

De nieuwe wet huwelijksvermogensrecht is van toepassing op vereffeningen-verdelingen vanaf 1 september 2018, voor zover de echtscheiding vanaf die datum is ingeleid.

Deze nieuwe wet omvat diverse nieuwigheden die worden besproken bij GF Family Law ingeval van echtscheiding en om u wegwijs te maken in uw vereffening-verdeling van uw huwgemeenschap. Er volgt een verfijning van de regels van het wettelijk stelsel, correcties op de regels voor scheiding van goederen, verruimd toepassingsgebied van onder meer huwelijksvoordelen, preferentiële toewijzing, de positie van de LLE.

Deze nieuwe wet zorgt voor meer zekerheid.

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén